Gekortwiekt

Afgelopen dagen liep ik regelmatig langs de volle terrassen op de Bossche Markt. Ik probeerde behendig – zonder al te veel op te vallen – te luisteren naar de gesprekken op het terras. Ik was namelijk benieuwd of er veel Portugees zou worden gesproken. Hoezo Portugees? Ik las in het BD dat onze Parade in Portugese handen was gevallen. Als dat zo is, dan kunnen ze ook oprukken naar de Markt, zover liggen de Parade en de Markt niet uit elkaar, dacht ik. En is Portugal niet haast failliet? Veel hebben ze in ieder geval niet te makke in dat zonnige oord. Dus op naar Nederland, waar het overigens ook niet al te rooskleurig is.

‘De Parade in Portugese handen gevallen’, het was ook een rare kop boven het artikel over het opnieuw bestraten van de Parade. Het klonk een beetje oorlogszuchtig eigenlijk. Ik zou ‘m zelf niet bedenken. Tja, dan sticht zo’n kop toch verwarring. Totdat ik het artikel begon te lezen. Ik las dat de herinrichting van de Parade vooral handwerk is. Portugees handwerk om precies te zijn. Bovendien moet het snel (dat is intussen een mantra geworden) en nauwkeurig en dat kunnen kennelijk alleen de Portugese stratenmaker.

Een Portugese stratenmaker legt met gemak 25 vierkante meter per dag. De directeur van het Geffense stratenbedrijf is dan ook blij met zijn Portugezen. En dat snap ik, het is ook puik en strak werk dat de Portugese stratenmakers leveren. En zo is beeld van de ‘gastarbeider’ uit de jaren zestig weer terug. Niets mis mee, dunkt mij. Laat ze dit maar niet horen bij de gekortwiekte gedoogpartner van de regering in Den Haag, want voor je het weet komen ze bij de PVV met een meldpunt voor Portugezen.

Gekortwiekt! Ik ben trouwens ook nogal gekortwiekt. Soms ga ik naar de Turkse kapper aan het Hinthamereinde, dé multiculturele winkelstraat van Den Bosch. Haarknippen kost bij de Turkse kapper tien euro. Alleen heeft deze kapper wel een andere kijk op een gedekt kapsel dan ik heb. Ik zei, toen ik in de kappersstoel had plaatsgenomen, dat ik niet hetzelfde kapsel wilde als de man in de andere stoel. Zijn haardos was intussen gemillimeterd, ofwel behoorlijk gekortwiekt.

De kapper lachte en zei dat hij begreep wat ik wilde. Mijn geloof in een goede afloop groeide. Ik zette mijn bril af en gaf me over aan de handen van de kapper. Ik zag mijn beeltenis wazig worden in de spiegel. De knipvaardige kapper, met zijn niet aflatende glimlach, liet zijn schaar soepel het werk doen. Grote haarvlokken zag ik naar beneden dwarrelen, alsof het sneeuwde. Ik zag het niet scherp, maar scherp genoeg om te zien dat halverwege het knippen mijn haar wel heel kort zou worden geknipt. Ik zei bijna wanhopig tegen hem: niet te kort, jongeman. Tevergeefs! Hij was niet meer te stoppen, verslaafd aan zijn kappersvak werd met de precisie van de Portugese stratenmaker op de Parade mijn haardos gekortwiekt. Turken en Portugezen hebben kennelijk iets gemeen, ze zijn beide vakgericht bezig!

25 March 2012
By on 18:11
Wiebe

Vrijdag is meestal mijn columndag, de dag waarop ik een vertelsel op mijn weblog plaats. Nadat ik die ochtend in de wijkwinkel weer enkele klanten, met dit keer vragen over hoe kan ik mijn schuld betalen, op weg heb geholpen – althans van de regen in de drup – ben ik achter mijn laptop gaan zitten om mijn fictieve pen over het scherm te laten dansen. Het bleef echter bij het staren naar het scherm met af en toe een uitstapje naar een nieuwspagina om inspiratie op te doen. De inspiratie wilde maar niet komen. Ik maar roepen: ‘it giet aon’! Het leek wel of het niet doorgaan van de Elfstedentocht mijn zin in schrijven blokkeerde.

Afgelopen week was ik behoorlijk onder in de indruk geraakt van Wiebe Wieling, voorzitter van de Elfstedentocht. Een échte Fries, maar dan zonder plakpak. Zijn woorden op de persconferentie vond ik heel puur, ze deden haast de dikke ijslaag in Bartlehiem smelten. Wiebe was onomwonden duidelijk, maakte geen theater. Menig ander, die wat in de pap te brokkelen heeft, zou bezwijken onder zoveel aandacht van de media. Niet Wiebe, hij kon onder deze omstandigheden de tocht niet uitschrijven. Gek hé, dat sprak meteen tot de verbeelding. De rayonhoofden knikten instemmend. Onze Wiebe heeft dat toch maar mooi verwoord. Zo zijn Friezen, nuchter, doortastend en duidelijk.

Zijn uitleg riep – althans bij mij – geen vragen op. Voor de aanwezige journalisten niet leuk, maar het was niet anders. Gelukkig werd de bijna altijd gestelde vraag niet gesteld. Wat ging er door u heen, wat voelde u? De NOS verslaggever heeft waarschijnlijk gedacht: laat ik dat maar niet vragen, daar heeft Wiebe vast een sterk antwoord op. Toen plaatste hij maar een domme opmerking. Hij merkte op dat al het werk om het ijs sneeuwvrij te maken voor niets was geweest. Het antwoord van Wiebe was subliem. ‘We hebben drie prachtige dagen met elkaar beleefd, dat versterkt het saamhorigheidsgevoel. Tjaka dacht ik, daar kunnen ze bij de PVV nog iets van leren!

 

13 February 2012
By on 09:13
gevoelstemperatuur

Dit weekend beloofd het koudste weekend te worden sinds tijden. De temperatuur kan dalen tot min 17 graden, de gevoelstemperatuur mogelijk nog lager. Herleven de ijstijden weer? Donderdagmorgen had ik trouwens sterk het gevoel dat ik op de Noordpool fietste. De ijskoude wind joeg bijna al het leven uit mijn gezicht en handen, ondanks een warme sjaal en wollen handschoenen, zelfs mijn teelballen voelde ik nog amper. Ik kwam amper mens tegen, zeker niet op de fiets. Wel passerende auto’s met verwarmde kachels. De mensen in de auto zag ik denken: wat doe jij met dit koude weer op de fiets? Zelfs een Noordpoolhond zou van dit weer in zijn schulp kruipen .

Maar ik, ik moest zo nodig op de fiets naar buiten. Even flink zijn én ik doe het liefst de boodschappen met de fiets en niet met de auto. Ja, mijn dappere auto. Zou die nog wel starten met deze kou? Ik durfde het niet te proberen. Mijn garagehouder, die afgelopen dinsdag de APK-keuring heeft uitgevoerd, zei namelijk dat de accu niet meer in zo goede staat is. Ik reageerde verbaasd. De accu was nog geen twee jaar oud. Ineens kreeg ik weer nare visioenen van Kwik Fit. Met dat garagebedrijf heb ik slechte ervaringen. Kwik Fit heeft toen de accu vervangen. Dus, misschien was het helemaal geen nieuwe accu. Van meerdere kanten hoorde ik later dat Kwik Fit helemaal niet zo’n betrouwbare garage is.

Daar kwam ik echter te laat achter. Vorig jaar januari bracht ik mijn auto voor een APK-keuring naar Kwik Fit. Lekker dichtbij én goedkoop. Een APK-tje kost bij Kwik Fit slechts 19,50 euro. Op z’n Hollands is dat voor een dubbeltje op de eerste rang willen zitten. Maar schone schijn bedriegt, want ineens mankeerde er van alles aan mijn Peugeot 206. Mijn Peugeot die immer voelt als een heel trouwe labrador en me altijd de weg wijst zoals een labrador blinde mensen de weg wijst.

Gevolg van het op een dubbeltje op de eerste rang zitten: een peperdure rekening voor niet nodige reparaties. Dat hoorde ik later van Cock van de garage bij wie ik mijn auto laat onderhouden en hij klinkt heel betrouwbaar. Een keer mijn garage ontrouw en ik kreeg letterlijk gesproken de rekening gepresenteerd. Dus ik blijf voortaan trouw aan mijn eigen knusse garage in Helvoirt. Het is een stukje rijden, maar daar krijg ik ook een goede service voor.

Intussen was ik op mijn fiets gearriveerd bij AH voor de ‘zware’ boodschappen. Ik doe meestal de zware boodschappen. Ik hoor de lezer denken: wat zijn zware boodschappen? Ik noem er een paar: yoghurt, melk en aardappels. Meestal koop ik drie pakken yoghurt. Bij het zuivelschap aangekomen moest ik constateren dat de magere biologische yoghurt op was, het schap was leeg. Achter me hoorde ik een vrouw tegen een winkelbediende zeggen: ik sla extra in, want het wordt heel koud dit weekend en dan kom ik de deur niet uit. Ik keek met een schuin oog in haar winkelwagentje en zag de laatste pakken magere biologische yoghurt staan. Voor even steeg mijn gevoelstemperatuur boven nul!

3 February 2012
By on 15:52
Theater

Was ik net gewend aan het idee dat ik straks over de Paleisbrug naar het nieuw theater in het Paleiskwartier loop, wordt de coalitie op het Bossche politieke toneel op scherp gesteld. Gevolg: alle lijnen zijn weer open,er kan opnieuw worden gestemd over acht mogelijke theaterplekken. Alhoewel acht plekken, de voorkeur gaat uit naar een theater in het centrum. Er is namelijk een sterke lobby om een nieuw theater te bouwen op het GZG-terrein, want anders gaat onze stad failliet. Zo dramatisch klinkt het haast!

De voorzitter van de BLB hecht zeer aan een ‘huiskamer’ in de binnenstad. En het
Centrummanagement vindt dat het theater – in samenhang met de historische
binnenstad – een economische trekpleister vormt. Wat een kul allemaal! Een
échte theaterbezoeker, en ik spreek uit ervaring, laat zich niet leiden door
dat huiskamergevoel of het economisch belang om naar een theater te gaan. Ook
niet als dat theater een stukje buiten het centrum ligt. Neem nou de
Verkadefabriek. Dit cultuurpaleis ligt niet in het centrum. Weerhoudt dat
mensen om naar een film of voorstelling te gaan? Ik dacht het niet! Jaarlijks
komen hier veel bezoekers. Zelf kom ik er bijna wekelijks voor een film. Mijn
laatste film: ‘The Iron Lady’ met Meryl Streep in een glansrol. Een aanrader.

Terug naar de locatie van de Verkadefabriek. De Oostblokachtige omgeving met de stinkende veevoederfabriek in de achtertuin is bepaald geen visitekaartje voor onze stad. Sterker nog: vanaf de Diezebrug is het een troosteloos vergezicht, Den Bosch onwaardig. Maar daarover hoor ik ze amper in het Stadhuis. Nee, ze maken drukker over e plek van het nieuwe theater. Er is veel oppositie tegen het Paleiskwartier.

En wat doet B&W? Die trekt braaf zijn keutel in. Dat is jammer, want ik vind dat B&W vast moet blijven houden aan de keuze voor het Paleiskwartier. Binnen het scala van mogelijkheden lijkt me dat de meest haalbare optie, zonder dat hopelijk de begroting van vijftig miljoen euro wordt overschreden. Bovendien wordt er eindelijk een verbinding gemaakt met de binnenstad, wat toch ooit de bedoeling was.

Het voordeel van het Paleiskwartier is de beschikbare ruimte voor een groot theater
met een regionale aantrekkingskracht. Maar er is meer: er kan snel worden
gebouwd, er is voldoende parkeerruimte, het station is vlak in de buurt en het
centrum voor wie nog een biertje wil gaan drinken is op redelijke loopafstand.
En de Paleisbrug of liever noem ik het dat voortaan de ‘Theaterbrug’ wordt dan
niet voor niets gebouwd. Wat kwekken we nog?

 

 

 

 

30 January 2012
By on 11:41
Simpel

Dat het leven soms simpel kan zijn kwam ik gisteren in de trein achter. Ik was op weg naar Zandvoort. Niet om naar het strand te gaan, maar om een fikse wandeling van 16 kilometer te maken door het prachtig duingebied rondom Zandvoort. De trein was nogal vol. Dus even doorgelopen naar een volgende coupé, daar was nog een plaatsje. Een ouder echtpaar nodigde me vriendelijk uit om bij hen plaats te nemen. Zo te merken was de man blij met wat gezelschap. Hij begon meteen te vertellen. ‘We gaan naar Alkmaar, naar de Kaasmarkt.’ Zijn vrouw, die tegen hem over zat, knikte minzaam.

‘Vanmorgen zijn we al om 8.00 uur op het station in Maastricht op de trein gestapt en fijne is dat we tot onze bestemming kunnen blijven zitten.’ Nou, daar boft u mee. ‘Mijn zoon heeft op zijn computer gekeken hoe laat de treinen – zonder over te hoeven stappen – naar Alkmaar gaan. En ik weet ook welke trein we straks terug moeten nemen. Zelf heb ik geen computer, we hebben ook geen auto. Nergens voor nodig, allemaal gedoe. Trouwens, je kunt je auto toch niet meer gratis parkeren. De trein is veel goedkoper. We hebben allebei een Ov-kortingkaart met een aantal vrije reizen. En de vrije reizen gebruiken we natuurlijk als we ver weg gaan, laatst zijn we nog in Groningen geweest. Ik heb uitgerekend dat we op jaarbasis per treinreis gemiddeld 10 euro per persoon betalen. ’U kunt nog goed rekenen. ‘Al ben ik niet de jongste meer, maar rekenen kan ik. Daar kunnen ze in Den Haag een voorbeeld aan nemen,’ zei hij schalks.

‘Ik ben 82 jaar en mijn vrouw is 81 jaar. Vroeger deden we alles met de fiets, maar dat gaat niet meer. Mijn vrouw heeft osteoporose. Nu wandelen we iedere dag, mijn vrouw kan niet zonder. Iedere dag lopen we naar het centrum van Maastricht, da’s vier kilometer, drinken een kopje koffie en lopen op ons gemak weer naar huis.’ Op het station van Amsterdam nam ik afscheid van hen. Ze zwaaiden nog toen ik eenmaal uit de trein naar een ander perron liep. Hoe overzichtelijk kan het leven zijn, dacht ik!

Om 18.30 uur stapte ik weer in de trein om naar huis te gaan. Naast me namen twee vrouwelijke veertigers plaats. Ik hoorde al snel dat beiden docent waren aan een Hogeschool in Amsterdam. ‘Volgende week begint het nieuwe schooljaar weer, laat ik nou helemaal geen zin hebben. Ik wil nog zoveel dingen thuis doen,’ zei de blondine. ‘Vertel me wat,’ zei de roodharige. ‘Zes weken vakantie heb ik gehad, maar ik heb nog helemaal niet het gevoel dat ik uitgerust ben. Er is ook zoveel gebeurd de laatste tijd. Ik heb nieuwe relatie, dat kost me veel energie. Meestal komt hij ’s avonds pas na elven om een glaasje te drinken en de dag met mij door te nemen. Dat is wel leuk, maar het wordt meestal laat. Ik merk dat ik daar last van krijg. En nu het schooljaar aanstaande is wil ik het anders, ben ik op zoek naar de balans in mijn leven.’ Ik sloot mijn ogen, luisterde naar de regelmatige cadans van de trein en dacht: dat is niet simpel, misschien moet je daar oud voor zijn!

20 August 2011
By on 10:56
Emotie

Naar buiten kijkend leek deze zondagochtend op een tragikomedie zonder een enkele acteur. De lucht was naargeestig grijs en de singelgracht in de lege Bossche Broek stroomde traag. Het rimpelige water deed mij denken aan de huid van een hoogbejaarde. Op de dijk langs de singelgracht was geen mens te bekennen. De wei, waar koeien grazen, lag er verlaten bij. Ook de zomerzon was op reces.

Terwijl ik dit schrijf, het is 12.00 uur, gloort de zon alweer achter de wolken. En dat is heel fijn, want het theaterfestival de Boulevard maakt zich op voor de epiloog, het slotakkoord! Nu zal het daar nog stil zijn. Alhoewel de theatermakers op de Parade en op de verschillende locaties zullen zich wel aan het opmaken zijn voor het laatste rondje. Daar wil ik graag bij zijn en daarom ga ik straks weer opnieuw smullen van wat ik noem het “Boulevard gebak’’.

De Boulevard smaakt namelijk naar de Bossche Bol waar ik zo dol op ben en die ik iedere dag wel zou willen eten. Edoch, ik moet ook op de inhoud van mijn portemonnee letten, want die is zo goed als leeg. Nu weet ik gelukkig wel wat ik er voor terug heb gekregen. Dat kan ik niet zeggen van al de miljarden die met enige regelmaat verdwijnen achter de horizon, om waarschijnlijk nooit meer terug te keren. Tja, zo lang ik me bezighoud met de politiek, en dat is al heel lang, is er sprake van begrotingstekort. Er moet altijd worden bezuinigd. Kennelijk is dat genieten voor ministers! Het wrange is dat mensen, die zeggen dat er moet worden bezuinigd, zelf financieel niets tekort komen. Soms denk ik dat geldtekort wordt gecreëerd om ons naar de pijpen van slecht acterende acteurs te laten dansen! Intussen worden mensen zoals topbankiers, geldhandelaren en smartguys, ondanks dat het geld snel verdampt, er alleen maar rijker van.

Nou, ik in ieder geval niet, daarvoor ben ik te weinig op geld belust. Bovendien ben ik over de top. Iemand die iets doet met geld en er verstand van heeft zei eens tegen me:‘geld is eigenlijk pure emotie.’ Een mooie beeldspraak, dat wel. Maar word ik er wijzer van? Wijzer, maar dan emotioneel, ben ik wel geworden van de Boulevardvoorstelling ‘het leven, de dood en liefde in de tussentijd’ in het oude GZG. Rondrijdend in een rolstoel, en dat is al confronterend genoeg, hoorde ik in de akelig en verlaten aandoende gangen verhalen over bijzondere ontmoetingen, immens geluk, afscheid nemen, geboren worden en dood gaan. Dan is al het gedoe over de miljarden heel ver weg. Hoe was het ook al weer? Geld is emotie, dat komt en gaat! Met die gedachte ga ik zo dadelijk weer naar het Boulevardfestival!

14 August 2011
By on 12:06
Wat doet u in het dagelijks leven?

Festival Boulevard heeft onze stad weer in bezit genomen. Overal hangen Boulevard banieren als een soort van gebedsvlaggetjes te wapperen om ons te lokken naar de Parade, de tempel van het spektakel. De opening afgelopen donderdag mocht er zijn. ‘Life is wonderful’ is dit keer de rode draad van de Boulevard. Het glas is halfvol en niet half leeg. Voelde dat bij mij ook maar zo, maar het verrekte oorsuizen steekt daar een stokje voor en dompelt mij met enige regelmaat in mineur.

Mineur! Gelukkig was bij de opening van de Boulevard hiervan niets te merken. Geert Overdam die op een verlegen wijze zei dat hij directeur is van het festival, alsof dat niet wordt geloofd, opende het festival. Nu moet ik eerlijk bekennen dat Geert niet écht de artistieke uitstraling heeft van een festivaldirecteur, maar hij sprak wel fiere taal. Hij noemde de Boulevard artiesten zelfverklaarde optimisten die – in een tijd waarin de cultuur het kind van de rekening is – tegengas geven. Niet achterwaarts, maar voorwaarts! En dat had burgemeester Rombouts ook begrepen, hij kwam met een leuk cadeautje voor de festivaldirecteur. De voorgenomen bezuiniging van honderdduizend euro wordt teruggebracht tot veertigduizend euro. Aan de zijkant zag ik cultuurwethouder Rodney Weterings wat beteuterd kijken, waarschijnlijk had hij dat liever zelf publiekelijk gemaakt. Nu maakte de burgemeester de goede sier. Maar goed, hij is niet voor niets D’n Boss!

Intussen ben ik al twee voorstellingen verder en lijkt het festival voor mij al geslaagd. Ik was ook blij om Frits, met zijn onafscheidelijke kapiteinspet, weer te zien. Van hem word ik best vrolijk. Frits regelt al jaren soepel het busverkeer naar locaties waar theatervoorstellingen zijn. Iedere keer weet hij wel uitspraken te ontlokken aan festivalgangers. Frits weet zijn prooi altijd behendig te vinden, zonder het woord tot een bepaald iemand te richten. Gisteravond was het beroepen raden geblazen. ‘Wat doet u in het dagelijks leven?’ Alsof het was geregisseerd klonk uit de groep: ‘ik ben ICT-er bij een leasebedrijf.’ ‘U kijkt erbij alsof u dat niet leuk vindt,’ zei Frits. ‘Jawel hoor!’

‘Zijn hier er nog meer ICT-ers?’ Geroezemoes. ‘Wie wordt er nou ICT-er, mompelde een man naast me. Vaak gaat het mis met computersystemen, kijk maar naar het BD.’ Frits was alert en reageerde meteen. ‘Wat doet u?’ ‘Dat gaat u niks aan.’ ‘Dat antwoord bevalt me wel,’ zei Frits. ‘Maar we gaan wel raden wat u doet.’ Allerlei beroepen kwamen voorbij, het juiste kwam niet voorbij al zaten we wel dichtbij. Het theater was al begonnen en ik moest nog met de bus naar een voorstelling!

6 August 2011
By on 11:26
Yesterday

Een trouwe pardoeslezer vroeg mij van de week of ik op zomerreces was. Ze had al een paar weken geen columns meer ontvangen in haar digitale brievenbus. Nou nee, zei ik wat weifelend om me meteen te herpakken. Ik was even druk met andere besognes. Nu was dat niet de werkelijke reden, maar net als politici in ons land mag ook ik weleens jokken, toch! Onze minister-president heeft dat onlangs nog gedaan toen hij als olijke Henkie op tv, vlak na een bijeenkomst van Europese regeringsleiders, tegen een verslaggever zei: ‘welkom aan boord. Ik weet precies waarover ik het heb, ik zal u even bijpraten over de miljardensteun aan Griekenland. Dat is 109 miljard.’ Niet veel later bleek dat 159 miljard te zijn. Ach, wat maakt dat uit: 50 miljard meer of minder. Er zijn hele volksstammen die het met minder moeten doen. Bij eeuwig glimlachende Mark Rutte moet ik altijd denken aan een tweedehands autoverkoper. ‘Dit is een prima auto, geloof me. Alleen als u remt moet u wel de handrem gebruiken.’

Maar goed, ik ben geen politicus. En dus vertel ik wel de échte reden waarom ik een paar weken geen column heb geschreven. De reden: gebrek aan inspiratie. Er gebeurde kennelijk te weinig om me op te winden, me uit te dagen tot een vertelsel. Oké, ik heb wel meegedaan aan de Zomerschool, twee donderdagochtenden popsongs zingen in een koor met 2 mannen en 23 vrouwen, mannen waren zo wie zo schaars op de Zomerschool. We oefenden zes liedjes uit vervlogen tijden. Een van de songs was Yesterday van de Beatles uit 1965. Heel toepasselijk gekozen, want op het podium stonden nogal wat krasse knarren die in de zestiger jaren met gans andere dingen bezig waren zoals het ontdekken van de liefde of het overboord gooien van vaste leefpatronen. Bij het zingen van Yesterday klonken onze stemmen weemoedig, er klonk verlangen naar iets wat niets meer is. Een vrouw die naast mij stond zei: mijn overleden man was helemaal idolaat van de Beatles. Weer dat woordje ‘was’, dat had ik die donderdagochtend al heel vaak gehoord.

Om toch maar in de sfeer van vroeger te blijven heb ik me aangemeld bij de Bieb voor het project ‘Bieb aan huis’. Ik breng boeken bij mensen thuis die niet meer in staat zijn om zelf naar de Bieb gaan. Afgelopen woensdag heb ik in een keurig blauwlinnen Biebtasje vijf boeken gebracht bij een vrouw die achthoog op een flat in West woont. Nieuwsgierig als ik ben heb ik natuurlijk in het tasje gegluurd. Mevrouw houdt van thrillers zo te zien. Twee boeken van Nederlandse bodem, van Esther Verhoef. Dat zal de PVV goed doen! Ik belde aan en zei dat ik boeken van de Bieb kwam brengen. Voordat ik echter uitgesproken was ging de deur al open. (Hoe komen insluipers binnen?) Eenmaal hijgend boven zag ik dat mevrouw de voordeur al wagenwijd open had staan. (Zo maak je het insluipers het wel heel gemakkelijk.) Goedemorgen mevrouw, ik ben de Biebman. ‘Ja, loopt u maar door naar de woonkamer.’ En daar is de koffie, dacht ik. Dat kon ik wel vergeten. Mevrouw begon meteen te vertellen dat haar moeder, ze was zelf al 85 jaar, tot op hoge leeftijd las. Ook haar zussen waren fervente lezeressen, al las een van haar zussen alleen nog maar Groot Letterboeken. Hoe oud is uw zus? Dat had ik beter niet kunnen vragen. ‘O, die is in de negentig, geloof ik’ en in de tien minuten die daarop volgde heb ik al haar zussen voorbij horen komen en dat waren er zes. Ik keek vertwijfeld naar het morsige Desso tafelkleed en naar die verfoeilijke beeldjes in het vitrinekasje. Op tafel lag Déjà Vu van Esther Verhoef. Ik was daar niet ver vanaf!

30 July 2011
By on 14:21
Meten is weten

Van de week las ik in een krant dat door jezelf continu te meten je een beter mens kunt worden. Nu wordt er met ‘beter mens’ niet bedoeld je bijvoorbeeld inzetten voor een rechtvaardigere maatschappij. Nee, het gaat om het meten van je hartslag, bloeddruk, humeur, voedselinname, calorieverbruik en nog veel meer.

Hoe gaat dat? Je bent net wakker geworden en je haalt een band van je hoofd die de ganse nacht je hersenactiviteit heeft gemeten. Op een schermpje lees je vervolgens je slaappatroon af. Nu nog op de digitale weegschaal je gewicht meten en doorsturen naar een online database. Dan weet je dat ook weer. Je kleedt je aan en gaat ontbijten, met je smartphone maak je een foto van wat er op je bord ligt. De slimme smartphone berekent aan de hand van het plaatje hoeveel calorieën het ontbijt telt. Bestaat je ontbijt uit teveel calorieën, dan pas je gewoon je lunch aan. En zo kun je strak alles meten, ook je zweetdruppels.

Intussen is ‘meten is weten’ een dagelijks ritueel geworden van een groeiend aantal mensen, vooral aan de overkant van de grote oceaan. Maar ongetwijfeld zal dit ritueel vanuit de VS overwaaien naar ons land. Nu al beheerst middels de twittergekte het op de hoogte zijn van waar ben je, wat doe je en wat zeg je al het leven van veel Nederlanders. Straks kunnen we in de internet- en computerwereld (bijna) alles meten en bijsturen. Ik kan me zo voorstellen dat de commerciële zorgverzekeraars dat zij, als een kind zo blij, deze ontwikkelingen omarmen. Want ook voor hen geldt: meten is weten! Maar ik moet er niet aan denken dat mijn zorgverzekeraar straks weet hoe hoog mijn bloeddruk of mijn hartslag is. Daar word ik niet blij van.

Blij! Dat woord vernam ik gisteren uit de mond van Geert Wilders. Hij zei: ik ben zo blij als een kind dat ik vrijgesproken ben van groepsbelediging en van het aanzetten tot haat en discriminatie. Er wordt niet gekort op de vrijheid van meningsuiting. Onmiddellijk moest ik denken aan de woorden van Maxime Verhagen ooit op een CDA-congres. Hij zei:’Dit is een feest van de democratie.’ Een meerderheid stemde toen in met een gedoogconstructie met de PVV. Ik vind het ook goed dat Geert Wilders is vrijgesproken en dat de poppenkast voorbij is, maar ik ben niet blij, het voelt bij niet als een feest van de democratie. Trouwens ik betwijfel of Geert Wilders werkelijk blij is dat de poppenkast voorbij is. Dat zou ik bij hem weleens willen meten, want ik denk dat zijn blijheid is geënsceneerd. Zeker weten doe ik dat echter niet! Een ding weet ik wel zeker, en dat hoef ik niet te meten: een beter mens vind ik hem na de rechtszaak niet geworden, want hij gaat gewoon door met zijn denigrerende en opruiende taal!

24 June 2011
By on 16:22
FC Den Bosch

Eigenlijk stond FC Den Bosch buitenspel, maar de vlag van de grensrechter, in dit geval B&W, ging niet omhoog. In het voetbal is de bal rond en blijft die rollen net zoals het geld dat gemoeid is met het voortbestaan van de club. De schuld van 1.6 miljoen euro wordt kwijtgescholden en de gemeente koopt het jeugdcomplex voor 1,4 miljoen euro. Ik vind het vreemd, nu er heftige bezuinigingen op stapel staan, dat een niet tot de verbeelding sprekende voetbalclub mag doorspelen terwijl bijvoorbeeld de Muzerije straks 750.000 euro moet gaan bezuinigen op een budget van 2.4 miljoen. Wanneer ik mijn schuld niet betaal dan komt er een dag dat de deurwaarder bij mij op de stoep staat en mijn huis leeghaalt. Niet bij FC Den Bosch, dat is andere Bossche koek. De club mag niet failliet gaan, kennelijk zijn er zwaarwichtige belangen. Ik ken ze niet, maar laat me raden: een hoofdstad zonder betaald voetbal is prestigeverlies. En ook niet onbelangrijk: de club gaat terug naar het volk! Om emotioneel van te worden. Alleen weet ik niet over welk volk beoogd president-commissaris Leo Markensteyn spreekt, immers het afgelopen seizoen gingen er gemiddeld 4200 Bosschenaren naar een thuiswedstrijd van FC Den Bosch kijken. Dat is iets meer dan 3% van alle Bosschenaren. Het moet niet gekker worden!


By on 16:08